Het Oekraïne-debat is veel te simplistisch

Complexe zaken uitleggen is een kunst. Albert Einstein zei ooit: “Everything must be made as simple as possible, but no simpler.” Oké, het citaat klopt niet helemaal – zoals met de meeste beroemde citaten. Einstein heeft het nooit letterlijk zo gezegd, maar het citaat is wel naar hem te herleiden. Het ligt ingewikkeld. Sommige dingen moet je dus, om ze te kunnen uitleggen, iets eenvoudiger maken dan ze zijn. Maar je moet ze niet te simpel maken.

Dit gebeurt helaas wel in het publieke debat over het referendum van komende woensdag. Op 6 april mogen we naar de stembus, maar waar stemmen we dan over? Technisch gezien stemmen we over een Nederlandse wet die het associatieverdrag van de EU en Oekraïne goedkeurt. Maar laten we eerlijk zijn: wie heeft dat verdrag gelezen? Sommige mensen presenteren het referendum daarom als een simpele keuze tussen twee dingen. En daar gaat het soms mis.

In de argumentatie-analyse spreken we dan over een drogreden van de valse dichotomie. Dit is een argumentatieve strategie waarbij je doet alsof er sprake is van een heel eenvoudige keuze tussen twee dingen, terwijl het in feite veel ingewikkelder ligt. In normaal Nederlands: een misleidende tweedeling.

Normaliter is er natuurlijk niets mis met vereenvoudigen, zeker als daardoor veel mensen wel weten waar ze over moeten stemmen. Explain like I’m five, ga je gang. Maar als de tweedeling misleidend is, dan heet het een drogreden. Want soms zijn er meer dan twee opties, maar worden die weggelaten. Denk bijvoorbeeld aan de vraag die alle ouders wel eens aan hun kinderen stellen: ‘wil je broccoli of spruitjes?’ Het lijkt op een heldere keuze, maar impliciet is de keuze voor een van deze groenten nu al gemaakt. Want je zou ook boontjes kunnen eten. Of spinazie. Of broccoli én spruitjes. Of helemaal geen groenten.

Bij het debat over het referendum is er iets anders aan de hand. Het is gewoonweg veel te simplistisch. Zowel voorstanders als tegenstanders maken zich er schuldig aan. Ze pakken één aspect van de zaak en doen alsof het alleen daar om draait.

Stem tegen de ondemocratische Europese Unie!

Stem voor de handel met Oekraïne!

Stem tegen uitbreiding van de EU!

Een stem voor is een stem tegen Poetin!

Maar het gaat niet om een keuze voor of tegen de EU, zelfs al is dat wel de motivatie geweest voor de initiatiefnemers. Het referendum is ook niet een simpele keuze voor of tegen meer handel met Oekraïne; er speelt veel meer mee. Ook is het niet simpelweg een stem voor of tegen Poetin. Ik snap dat dit bedoeld zijn als argumenten voor of tegen, maar het zijn drogredenen. Ze gaan uit van een beperkte en misleidende representatie van de kwestie.

De meest opmerkelijke komt van GeenStijl: ‘Red de democratie!’ Als je gaat stemmen op 6 april red je blijkbaar de democratie, en als je niet gaat stemmen laat je haar verloren gaan. Hoe dit werkt is niet helemaal duidelijk. De EU zou dan ondemocratisch zijn, en het zou goed zijn dat burgers zich over belangrijke beslissingen uitlaten middels een referendum, maar om te stellen dat stemmen bij dit referendum het verschil maakt tussen een geredde en een vergane democratie is – zacht gezegd – overdreven.

Ik weet dat de meeste mensen geen idee hebben van de precieze inhoud en effecten van het verdrag waar we over stemmen. Ikzelf ook niet. Daarom word ik ook blij van journalisten die hun best doen om het aan ons uit te leggen. Zoals hier. Of hier. Of doe hier deze quiz om te zien hoeveel je al weet van het verdrag. Maar liever doen we dit alles zonder  valse dichotomieën. Leg de keuze die ons woensdag voorligt gerust zo eenvoudig mogelijk uit – maar niet eenvoudiger.

 

Dit artikel is ook te lezen op YoungCritics.nl