Het nut van de hypocrisie

Mijn vader rookt al zo lang als ik me kan herinneren. Zorgvuldig gedraaide halfzware Van Nelle. Mij heeft hij altijd aangeraden er niet aan te beginnen. We spreken er niet veel over, maar het is duidelijk dat hij liever ziet dat ik niet rook. En ik heb dat dan ook nooit gedaan. Nu ligt het voor de hand om er op te wijzen dat mijn vader zijn eigen advies niet opvolgt. Je zou hem daarom zelfs hypocriet kunnen noemen. Maar het idee dat het goed zou zijn om die hypocrisie te benoemen en bekritiseren, is de denkfout die ik deze week wil bespreken.

Laat ik eerst toegeven dat kritiek op hypocrisie in zekere zin terecht is: er is immers sprake van inconsistentie. Wij ervaren die inconsistentie als een instabiele, onbetrouwbare of onwaarachtige situatie. Of simpelweg als vervelend. Maar dit betekent niet dat hypocrisie ook problematisch is. Uiteraard, in een academische discussie over de correctheid van theorieën kan het een doodsteek zijn – denk bijvoorbeeld aan de impact van Russell’s paradox op het werk van Frege. (Klik hier voor een korte uitleg.)

Hypocrisie is soms beter dan het alternatief

Maar een persoonlijke hypocrisie, buiten de wetenschappelijke context, is niet per definitie verkeerd. Als we hypocrisie willen verbannen, kan dat namelijk leiden tot een verkeerde consistentie: stel je voor dat mijn vader me zou aanraden om juist wel te beginnen met roken. Zouden we daar beter mee af zijn? Hypocriet zijn is wellicht niet optimaal, maar het is soms wel beter dan het alternatief.

Er is nog een tweede reden om het op te nemen voor onze hypocriete medemens. De hypocrisie is namelijk niet altijd statisch. Ik ben zelf bijvoorbeeld een omnivoor, een vleeseter. Maar behalve met een biefstuk, zit ik soms ook in mijn maag met de bio-industrie. De betrekkelijke moraliteit van het eten van dieren, de impact die het het heeft op het milieu en de manier waarop we met grondstoffen en landbouwgrond omgaan, zijn kwesties die me flink aan het denken kunnen zetten.

Ik vind dat het beter is om minder vlees te eten, maar toch houd ik me daar niet aan. Dat kun je zeker hypocriet noemen. Maar is kritiek en afkeuring daarom nuttig? Niet per se. Ten eerste, zoals gezegd, omdat het wellicht beter is dan het alternatief. Als mijn hypocrisie aangevallen zou worden, zou het goed kunnen dat ik de inconsistentie vermijd door me 100% achter Team Vlees te scharen.

Ten tweede, en misschien wel belangrijker, omdat hypocrisie een bijna onvermijdelijke tussenfase is in de overgang van de ene consistentie naar de andere. Misschien leidt mijn inconsistente gedrag er op termijn wel toe dat ik vegetariër wordt. Deze vorm van hypocrisie is daarom zelfs wenselijk. Je moet immers eerst van mening veranderen voordat je van gedrag zal veranderen. En dat kan enige tijd vergen – maar dat is prima. Je leven aanpassen op je vernieuwde moraal of gewenste levensstijl hoeft niet in één dag.

Hypocrisie als fase

Bij een grote verandering moet je nu eenmaal door een periode van inconsistentie heen, tussen je oude en je nieuwe status quo. Hypocrisie is dan de noodzakelijke fase in de overgang naar een betere situatie.

Blijf iemand te lang hangen in die fase? Dan is enige opbouwende kritiek nuttig, om de die persoon in beweging te krijgen. Om de hypocrisie daadwerkelijk als overgangsperiode te gebruiken. Om er niet in te blijven hangen. Maar zelfs als je er wel in blijft hangen, kan dat soms beter zijn dan het alternatief.

Als we teveel kritiek hebben op de hypocrisie van andere mensen, lopen we het risico dat niemand meer hypocriet durft te zijn. Dit is de situatie waar veel politici zich in bevinden; van mening veranderen wordt bij hen vaak hard afgestraft. Deze standaardreactie is niet bevorderlijk en behoed mensen ervoor om openlijk te twijfelen of van mening te veranderen. Critici kunnen de hypocrisie zo tot een minimum beperken, maar een taboe erop heeft weinig nut.

Soms is kritiek terecht, maar in de meeste gevallen is het vooral niet behulpzaam.

Kritiek gaat voorbij aan het nut

In sommige gevallen kan kritiek op hypocrisie zelfs gelden als drogreden: een Tu Quoque (letterlijk “jij ook”). In dat geval wordt gepoogd de stelling van de hypocriete persoon te ontkrachten door de handelingen van die persoon er tegenover te stellen. Dat is argumentatief niet juist. Dat iemand rookt, doet bijvoorbeeld niets af aan zijn stelling dat het beter is om niet te roken. Behalve dat je zo voorbij gaat aan het mogelijke nut van die hypocriete houding, bega je dan ook nog een drogreden.

Hypocrisie kan ontzettend ergerlijk zijn. Maar het is niet per definitie verkeerd – en soms zelfs bijzonder nuttig.

Als we iedere inconsistentie tussen woorden en daden benoemen, wordt de drempel om je mening te veranderen hoger. Als we elk verschil tussen moraal en handelen bekritiseren, dan wordt de sociale druk te groot om de hypocriete fase te durven doorlopen. De kans dat iemand de eerste stap zet is dan kleiner.

Laten we daarom het stigma op hypocrisie loslaten, want de kritiek daarop belemmert de persoonlijke en daarmee maatschappelijke vooruitgang. Zelfs als het tegenovergestelde ermee wordt beoogd.

Een gedachte over “Het nut van de hypocrisie

Reacties zijn gesloten.