Drogreden van de Week: Parijs

Na de aanslagen in Parijs werden al snel conclusies getrokken. Soms te snel – en dan gaat er nog wel eens iets mis. Eén drogreden staat centraal in het maatschappelijk debat dat volgde op de aanslagen: de stroman.

In de argumentatieanalyse is de stroman een ernstige drogreden. Je neemt hierbij het standpunt van de ander en verdraait dat tot een uitspraak die gemakkelijker onderuit te halen is dan het originele standpunt. Vaak gebeurt dit op een subtiele manier, waardoor een toehoorder niet doorheeft dat je eigenlijk een uitspraak aanvalt die niemand heeft gedaan. Een voorbeeld:

Politicus A: We moeten immigranten blijven toelaten.
Politicus B: Politicus A wil terroristen het land binnen laten – een slecht plan. We moeten ze juist tegenhouden.

Politicus A heeft hier helemaal niet gezegd dat hij terroristen wil toelaten, maar politicus B doet wel alsof dat zo is. Dit is wel een heel makkelijke manier om een debat te winnen. In plaats van je tegenstander te verslaan, zet je spreekwoordelijk een ‘man van stro’ op (een soort vogelverschrikker dus) en sabel je die neer, want dat is veel makkelijker.

In de huidige discussie over IS probeert iedereen de aanslagen in Parijs te interpreteren. Waar was het een aanslag op? Waarom is de aanslag gepleegd? Wat is het doel ervan? Het antwoord op deze vragen bepaalt in zekere mate hoe je op de aanslag moet reageren. Dit principe kun je ook omdraaien: hoe je wil reageren op de aanslag, bepaalt ook hoe je de aanslag zal interpreteren. En daar ligt de stroman op de loer.

Een veelgehoorde reactie is de ‘we-laten-ons-niet-kisten’. Hier een voorbeeld. ‘We moeten ons niet bang laten maken, want dat is wat de terroristen willen.’ We moeten dus niet vanuit angst of woede overhaast een oorlog aangaan, maar onze kalmte bewaren. Hier nog een voorbeeld, op basis van de interpretatie dat het doel niet per se angst, maar polarisatie is. Het is een logische reactie op een aanslag, als je er vanuit gaat dat het doel van die aanslag was om ons bang te maken. Maar om mensen mee te nemen in die conclusie, moet je dus ook zorgen dat ze jouw interpretatie van de aanslag delen.

Een andere reactie is de ‘aanslag-op-onze-waarden’. Hier een voorbeeld. ‘Het is een aanslag op de Westerse waarden en onze manier van leven’ door een terroristische organisatie. Vanuit deze interpretatie is wellicht een andere reactie gewenst. Premier Mark Rutte behoort bijvoorbeeld tot dit kamp. Zo zei hij volgens het FD:

“We hebben te maken met mensen die maar één doel hebben, onze maatschappij te destabiliseren.”

Zie ook dit stuk van NRC. Als je de aanslag zo interpreteert, is de logische reactie om hard terug te slaan. Rutte sprak dan ook over een oorlog tegen IS. Ook de Franse regering lijkt deze denkwijze te delen.

Weer een andere interpretatie legt de focus op de religieuze gronden van de terroristen. Hier een voorbeeld. Geert Wilders benadrukt dat de islam de oorzaak en motivatie is voor de aanslag. Vanuit die interpretatie is het logisch om de islam te bevechten en de immigratie van moslims tegen te houden.

Hier komt nu de drogreden: iedereen kan nu een ander ervan betichten een stroman op te zetten. Ongeacht tot welk kamp ik zelf behoor: ik kan van ieder ander zeggen dat hij de aanslagen in Parijs op een onjuiste manier interpreteert om daarmee zijn eigen politieke standpunt sterker te kunnen beargumenteren.

Wie interpreteert hier nu dan onjuist? Wie begaat er een drogreden? Ik zou het niet durven zeggen. Misschien iedereen wel… Het is in ieder geval duidelijk dat een groot deel van de huidige discussie over precies deze vraag gaat.

Een gedachte over “Drogreden van de Week: Parijs

Reacties zijn gesloten.